|
Een overzicht per regio
Oost
en Centraal Europa en de Baltische Staten Latijns
Amerika Caribisch
gebied Afrika
Midden
Oosten Pacific
Azië
West Europa en Noord Amerika
In de geïndustrialiseerde landen in West en Noord Europa, de
Verenigde Staten en Canada wordt het bestaan van kinderprostitutie
erkend, Ondanks het bestaan van goede onderzoeksfaciliteiten zijn
er weinig tot geen cijfers beschikbaar. Een recent onderzoek naar
seksuele uitbuiting van kinderen in de Verenigde Staten, Canada
en Mexico schat dat jaarlijks 300.000 tot 400.000 minderjarigen
in deze landen te maken krijgen met seksuele uitbuiting.
De voornaamste oorzaken van kinderprostitutie zijn gezinsproblemen,
armoede, groeiende economische ongelijkheden, druggebruik en (dit
geldt vooral voor welvarende samenlevingen) extreem consumptiegedrag.
De meeste kinderen die in de prostitutie belanden zijn weggelopen
van huis vanwege geweld en misbruik, verwaarlozing of alcohol- of
drugsverslaving van een van de ouders. Ze vallen buiten de regels
en voorzieningen van het sociaal welzijnsysteem. Prostitutie is
voor hen vaak de enige manier om te overleven.
Ook handel in kinderen voor seksuele doeleinden is in West Europa
een groot probleem. Er vindt met name kinderhandel plaats van Oost
Europa naar West Europa, maar ook vanuit Zuid Oost Azië, Latijns
Amerika en Afrika. Vaak wordt de asielprocedure gebruikt om minderjarige
prostituees het land binnen te krijgen. Eenmaal opgevangen in een
land, verdwijnen ze na verloop van tijd en belanden vermoedelijk
in de seksindustrie. Vooral Nederland, België, Engeland, Duitsland,
Oostenrijk, Zwitserland, Italië en Spanje worden als bestemmingslanden
beschouwd. De vrijheid tot reizen in de Europese Unie vergemakkelijkt
de handel in kinderen. Ook kunnen mensen van buiten de Europese
Unie makkelijk Europa binnen komen op een tijdelijk toeristenvisum,
waarna ze in de illegaliteit verdwijnen en wellicht in de seksindustrie
terechtkomen.
Kinderpornografie is een groot probleem vanwege het wijdverbreide
computergebruik en toegang tot internet in westerse landen.
Oost en Centraal Europa
en de Baltische Staten
Sinds de oorlog in Joegoslavië is seksuele
uitbuiting in de regio enorm toegenomen, voornamelijk door de aanwezigheid
van grote troepen militairen. Daarnaast is in Oost Europa de communistische
structuur zo snel afgebroken, dat er nog geen ander sociaal systeem
voor in de plaats is gekomen. Deze sociale en economische chaos
heeft ertoe geleid dat vooral in de grote steden duizenden kinderen
op straat leven. Voor hen is prostitutie vaak de enige manier om
te kunnen overleven. In vergelijking met andere regio's, vormen
jongens het grootste deel van het totale aantal kinderprostituees.
Een studie uit 2000 in twee regio's in Rusland, dichtbij de Finse
grens, toont aan dat 80% van de kinderen tussen de 14-18 jaar betaalde
seksuele contacten heeft gehad in de laatste drie maanden. In de
hoofdstad van Estland, Tallinn, tippelen tien- en elfjarige meisjes
bij het station.
Ook is de handel in kinderen uit deze regio sinds het begin van
de jaren negentig gegroeid, voornamelijk naar West Europa toe. Het
gaat hierbij in toenemende mate ook om jongens. De netwerken zijn
moeilijk zichtbaar en zeer goed georganiseerd. Sinds de val van
de muur in Duitsland is er een grote toename in meisjes uit Oost
Europa die gedwongen of onder valse voorwendselen in West Europa
in de prostitutie terechtkomen.
Turkije en Albanië zijn transit- en bestemminglanden voor vrouwen
en kinderen uit Bulgarije, Moldavië, Roemenië, Rusland
en de Oekraïne. Albanië is ook een belangrijk zendingsland.
Er zijn aanwijzingen dat de adoptieprocedure misbruikt wordt om
kinderen uit Rusland te verhandelen voor seksuele doeleinden.
Kindersekstoerisme neemt ook toe in de regio, voornamelijk vanuit
Noord Europa.
Er is weinig bekend over kinderpornografie in deze regio. Het Meldpunt
Kinderporno geeft aan dat op het internet wel een toename is van
recent gemaakte kinderporno uit Oost Europa.
De afgelopen jaren zijn er een aantal internationale kinderpornonetwerken
opgerold die vanuit Rusland opereerden. In Rusland vindt met name
productie en verspreiding van kinderporno plaats.
Latijns Amerika
In Latijns Amerika lijkt het probleem van seksuele
uitbuiting van kinderen toe te nemen. Meer en meer kinderen worden
slachtoffer van seksuele uitbuiting. Zowel armoede, de toenemende
migratie van platteland naar stad, het uiteenvallen van familieverbanden,
geweld en seksueel misbruik van kinderen in familieverband, maar
ook het machismo worden gezien als factoren die hieraan bijdragen.
In bepaalde landen spelen specifieke factoren een rol. In landen
als Nicaragua, El Salvador en Guatemala bijvoorbeeld heeft de burgeroorlog
een cultuur van geweld gecreëerd. Prostitutie van straatkinderen
is de meest duidelijk aanwezige en zichtbare vorm van kinderprostitutie
in Latijns Amerika. Er wordt echter ook gemeld dat steeds meer meisjes
uit de middenklasse in de prostitutie gaan omdat daarmee in korte
tijd veel geld verdiend kan worden. Zoals in Colombia, waar schoolgaande
tienermeisjes zich gedurende een aantal jaren prostitueren om hun
opleiding te betalen. Dit gaat vaak gepaard met druggebruik en daaropvolgend
drugsverslaving, waardoor de behoefte aan geld groeit en het steeds
moeilijker wordt om uit de prostitutie te komen.
In gebieden waar zware industrie gevestigd is en veel mannen werken
en wonen, vaak zonder hun familie, komt kinderprostitutie veel voor.
Dit is bijvoorbeeld het geval in Colombia, in het binnenland van
Suriname en Brazilië en in de havens van Uruguay.
Kindersekstoerisme neemt toe in Latijns Amerika. Het is met name
een probleem in Brazilië, maar ook in Mexico, Colombia, Peru,
Argentinië en Costa Rica. De oorzaken hiervoor moeten gezocht
worden in strengere wetgeving in andere landen, de toenemende controle
op kindersekstoerisme in Azië en de grote hoeveelheid informatie
over seksbestemmingen in deze landen op internet.
Kinderporno lijkt vooral voor te komen in Brazilië, Chili,
Colombia, Peru, Suriname en in toenemende mate in Argentinië.
De verbeterde toegang tot het internet heeft hier waarschijnlijk
mee te maken. Kinderporno wordt ook in bepaalde landen in Latijns
Amerika geproduceerd, met name Mexico moet hier genoemd worden.
Colombiaanse producties komen ook op de internationale markt terecht.
Handel van kinderen voor seksuele doeleinden is ook aan het toenemen,
vooral in Colombia, Brazilië, Venezuela en Ecuador. Oorzaken
moeten gezocht worden in ineffectieve grenscontroles en mogelijke
corruptie van immigratie autoriteiten.
Ook vindt tussen verschillende Zuid Amerikaanse landen handel plaats,
bijvoorbeeld tienermeisjes die tussen Guyana en Suriname verhandeld
worden.
Caribisch gebied
Kinderprostitutie is een significant probleem
in veel landen in het Caribische gebied. De voornaamste factoren
die eraan bijdragen zijn het hoge niveau van armoede en werkeloosheid
in dit gebied en seksueel misbruik binnen het gezin. De eerstgenoemde
factoren resulteren in een behoefte van zowel volwassenen als kinderen
om alternatieve bronnen van inkomsten te genereren om te overleven.
Het proces wordt vergemakkelijkt door het ontbreken van goede wetgeving
en inadequate naleving van die wetgeving.
Sekstoerisme is stijgende in deze landen en vooral zichtbaar in
landen als de Dominicaanse Republiek, Jamaica, Barbados, Cuba, Haïti
en Trinidad & Tobago.
De Dominicaanse Republiek dient met haar geschatte 50.000 vrouwen
en kinderen die overzee in de seksindustrie werken als vierde in
de rij van zendingslanden, na Thailand, Brazilië en de Filippijnen.
Handel in kinderen voor seksuele doeleinden is, behalve voor de
Dominicaanse Republiek, dat jaren als bron voor westerse landen
heeft gediend, geen groot probleem voor de regio. Met de groei van
het kindersekstoerisme is de vrijwillige migratie van prostituees
binnen een land en de regio wel een feit geworden. Dit om zowel
klanten te winnen, maar ook om anonimiteit te kunnen waarborgen.
In de Dominicaanse Republiek bijvoorbeeld komen de meeste vrouwen
en kinderen die zichzelf op straat prostitueren uit Haïti.
Kenmerkend voor het Caribische gebied zijn vrouwelijke toeristen
die zich inlaten met jonge, lokale mannen (de zogenaamde beach boys).
Afrika
In de meeste Afrikaanse landen groeit het aantal
kinderprostituees. Een aantal factoren lijken daarbij een belangrijke
rol te spelen zoals armoede, oorlog (aanwezigheid van militairen
en hulporganisaties), gebroken gezinnen als gevolg van Aids en het
opkomend toerisme. De angst voor Aids zorgt, net zoals in veel andere
ontwikkelingslanden, voor een grote vraag naar jonge meisjes en
maagden, omdat men denkt dat de kans op besmetting dan kleiner is.
De geringe status van vrouwen en meisjes in veel Afrikaanse landen
heeft ook een grote invloed op het bestaan van seksuele uitbuiting.
Een typisch Afrikaans fenomeen is sugar daddy (suikeroom). Dit zijn
oudere mannen die meisjes schoolgeld, kleding en cadeautjes geven
in ruil voor seks. In Ghana zorgt de Trokosi traditie voor seksuele
exploitatie van meisjes. Maagden worden aan priesters geofferd om
de Goden gunstig te stemmen voor misdaden begaan door andere familieleden.
De initiatierite houdt een huwelijk met een God en een priester
in. Het meisje wordt daarmee het bezit van een priester en moet
als (seks)slaaf werken voor een aantal jaar, maar soms ook levenslang.
In Noord Afrika ligt het onderwerp van seksuele uitbuiting uiterst
gevoelig vanwege heersende traditionele normen en waarden. Kinderprostitutie
is vaak nauwelijks zichtbaar en verborgen in de vorm van (gedwongen)
kindhuwelijken.
Kindersekstoerisme en kinderprostitutie is het meest zichtbaar in
Marokko, Egypte, Tanzania, Kenia, Gambia, Zambia en Zuid-Afrika.
In bepaalde toeristengebieden, vooral in Noord Afrikaanse steden
als Caïro, Marrakesh, Casablanca en Tunis is er een relatie
tussen het toerisme en de groei van seksuele uitbuiting van kinderen.
Niet alleen meisjes maar ook jongens, werkend als straatverkopers,
koerier of in de huishouding zijn hier vaak het doelwit van kinderprostitutie.
Kinderpornografie lijkt nauwelijks voor te komen, met uitzondering
van Zuidelijk Afrika.
Handel in kinderen voor seksuele doeleinden komt voor, zowel binnen
een land (van platteland naar stad), als tussen landen en lijkt
een steeds groter probleem te worden. Handel in kinderen voor seksuele
doeleinden is verbonden met handel in kinderen voor werk. Zo worden
Algerijnse meisjes naar Europa gebracht, waar ze gedwongen worden
om te trouwen met daar wonende Algerijnen. In Egypte worden meisjes
van het platteland uitgehuwelijkt aan rijke mannen uit de Golfstaten.
Midden Oosten
Er is weinig informatie over het bestaan van
commerciële seksuele uitbuiting van kinderen in het Midden
Oosten. De meeste landen ontkennen met klem het bestaan ervan. Culturele
waarden, de positie van vrouwen en religie lijken deze houding te
bepalen. Op alles wat met seks te maken heeft, heerst een groot
taboe. Toch zijn er sterke aanwijzingen dat seksuele uitbuiting
van kinderen in het Midden Oosten voorkomt en toeneemt. De oorzaken
hiervoor zijn de verschillende langdurige oorlogen en politieke
conflicten in het gebied en de aanwezigheid van welvarende buitenlandse
werknemers. In veel Arabische landen is de leeftijd waarop meisjes
mogen huwen erg laag. Deze wetgeving kan misbruikt worden voor seksuele
uitbuiting van kinderen. De Iraanse overheid staat bijvoorbeeld
korte termijn huwelijkscontracten, siqueh, toe. Hierdoor is het
mogelijk dat een man gedurende een korte tijd, variërend van
een paar uur tot een aantal maanden, met een vrouw kan trouwen.
Soms gaan rijke mannen uit het Midden Oosten een siqueh aan met
arme plattelandsmeisjes. De familie van deze meisjes krijgt hier
veel geld voor.
Er zijn veel gevallen bekend van mannen uit het Midden Oosten, met
name Saoedi-Arabië, de Verenigde Arabische Emiraten en Koeweit,
die als sekstoerist naar Thailand, Indonesië, India, Pakistan,
Marokko, Egypte en Europa gaan.
Aangaande kinderpornografie zijn er geen aanwijzingen voor het bestaan
ervan in de regio. Een verklaring zou kunnen zijn dat er nauwelijks
toegang tot het internet is en informatie die niet strookt met de
gangbare ideologie niet toegestaan is. Dit wil echter niet zeggen
dat kinderporno niet voorkomt in deze landen!
Handel van kinderen en jonge vrouwen vindt plaats vanuit Oost Europa,
Thailand, Indonesië, Nigeria en Zuid Azië naar het Midden
Oosten. Met name Israël, de Verenigde Arabische Emiraten en
Saoedi-Arabië zijn bestemmingslanden. Israël neemt hierin
een aparte positie in, omdat de meeste meisjes die naar Israël
verhandeld worden uit Oost Europa en Rusland afkomstig zijn. Er
zijn aanwijzingen dat de Russische maffia hierbij betrokken is.
De meisjes en jonge vrouwen worden onder valse voorwendselen gelokt
en ter plekke tot prostitutie gedwongen. Ook komt het voor dat meisjes
en jonge vrouwen uit eerder genoemde landen als hulp in de huishouding
gaan werken en dan seksueel uitgebuit worden.
Pacific
Er is grote bezorgdheid dat preferentiële
misbruikers en kinderhandelaren in toenemende mate hun activiteiten
ook naar de Pacific verplaatsen. Misbruikers zijn op zoek naar alternatieve
bestemmingen sinds ze actiever vervolgd worden in Azië. Voor
handelaren is de Pacific aantrekkelijk vanwege het opkomend toerisme
en de toenemende armoede. Dit maakt kinderen kwetsbaar voor seksuele
uitbuiting.
De toenemende consumptiebehoefte, vooral in Australië, leidt
ertoe dat veel kinderen van de Pacific eilanden zich laten verleiden
tot prostitutie. Kinderprostitutie komt vooral voor in Australië,
Nieuw Zeeland, Fiji en Papua Nieuw Guinea.
Australië is het belangrijkste bestemmingsland voor handel
in kinderen. Criminele syndicaten halen kinderen uit Thailand, de
Filippijnen en Rusland naar Australië, waar ze in de seksindustrie
terechtkomen.
Kinderpornografie komt met name in Australië en Nieuw Zeeland
veel voor.

Azië
In veel landen in Azië komt kinderprostitutie
op grote schaal voor. Het gaat voornamelijk om bordeelprostitutie,
hoewel in sommige landen, zoals de Filippijnen, straatprostitutie
meer algemeen is. Sociale en economische omstandigheden in de regio
vormen de voedingsbodem voor seksuele uitbuiting van kinderen. Ondanks
de economische groei van de laatste jaren, leeft de overgrote meerderheid
van de bevolking van Azië dichtbij de armoedegrens. De groeiende
welvaart heeft het verschil tussen arm en rijk juist verscherpt.
Materialisme en consumptiepatronen zijn toegevoegd aan traditionele
manieren van leven en waardesystemen. In Noord Oost Azië wordt
kinderprostitutie meer veroorzaakt door een toenemende consumptiebehoefte,
in Zuid Oost Azië is armoede de grootste oorzaak. Beide regio's
hebben gemeen dat kinderen die zichzelf prostitueren vaak een achtergrond
van seksueel misbruik en huiselijk geweld hebben.
Daarnaast heeft de economische crisis van 1997 geleid tot een toename
van het aantal kinderprostituees. Het geregeld bezoeken van prostituees
is 'gewoon' in veel landen in Azië en de rol die jongeren spelen
bij het verlenen van commerciële seksuele diensten is algemeen
en wijdverbreid. Ook spelen culturele praktijken een rol. In India
en Nepal bestaat bijvoorbeeld het Devadasi systeem, waarbinnen meisjes
verkocht worden aan priesters en zichzelf moeten gaan prostitueren.
Kinderpornografie komt met name voor in Japan, India, Nepal en Sri
Lanka. Japan is één van de voornaamste producenten
en distributeurs van kinderporno ter wereld. Kinderporno is daar
ook makkelijk verkrijgbaar in tijdschriftenwinkels en videotheken.
Andere alarmerende berichten uit Japan zijn jonge schoolmeisjes
die zakgeld verdienen door hun ondergoed en schooluniformen te verkopen
aan winkels die ze weer verkopen aan mannen. Dit soort winkels komt
in alle grote steden in Japan voor. In Taiwan organiseren criminele
netwerken enjokousai, waarbij schoolgaande tienermeisjes hun gezelschap
aanbieden aan mannen, wat ook seks kan inhouden. In Korea en Japan
is er een toename van terekura, 06-lijnen met chatboxen waar klanten
betalen om toegelaten te worden tot speciale lijnen waar ze met
jonge meisjes kunnen praten en met wie afspraakjes gemaakt kunnen
worden voor seks.
Handel in kinderen voor seksuele doeleinden komt veelvuldig voor
in Azië. India is een bestemmingsland (voor kinderen vanuit
Nepal en Bangladesh), een zendingsland (voor het Midden Oosten en
Europa) en een transitland. Pakistan en Thailand en Cambodja zijn
ook belangrijke transit-, bestemmings- en zendingslanden. Vietnam
en Indonesië zijn voornamelijk zendingslanden, China is een
zendings- en een bestemmingsland.
|